Termkaart


#T010.000.287
term: Henk de Vos
SN:
(Rotterdam, 31-01-1911 - Ribiers, 23-07-1982)
Hendrikus werd geboren in de woning van zijn ouders, onderwijzer Arie de Vos en Elisabeth Kikkert, aan de Van der Takstraat 34 op het Noordereiland.
Henk de Vos en zijn vrouw Cornelia Eugenie Moed Helmig – met schrijfvarianten als C.E. Moed Helmig, Conny Moed Helmig en Pop Moed Helmig – die op 4 februari 1942 te Batavia-C zijn getrouwd, kregen drie dochters: Joan, Dorine en Marina de Vos. Cornelia is op 30 september 1914 geboren in Soerabaia en was een dochter van Harm Moed Helmig (directeur van een chemische fabriek, 1888–1943) en Eugenie Hortense Eleonore Brouwer.

Henk de Vos was werkzaam als wandschilder, illustrator, aquarellist, mozaïekwerker, schilder, tekenaar, textielkunstenaar en beeldhouwer.
Hij gaf tussen 1961 en 1976 les aan de Academie voor Beeldende Kunsten te Rotterdam, waar hij naast de Akademie van Beeldende Kunsten te Den Haag, ook zelf les had gehad.
Van zijn vader moest hij ook een middelbare opleiding volgen. Er moest immers wel brood op de plank komen.
Na het zien van een overzichtstentoonstelling van de Ecole de Paris in het gemeentemuseum te Den Haag bracht hem naar het doel om te gaan schilderen. Gesinus Visser had voor deze tentoonstelling alle nieuwe stromingen van die tijd bijeengebracht.
Op een groepstentoonstelling De Zuil in 1930 van de Academie van Beeldende Kunsten met zogenoemde 'nog niet volledig gevormde werken' werd ook het bewijs van begaafdheid van Henk de Vos getoond met een affiche. Het ander werk werd minder bevonden.
In Rotterdam exposeerde hij in 1937 – met Court Veldkamp en Hans Timmer – in het filmtheater Studio '32. Dit werk wordt geclassificeerd als "slordig neo-impressionisme, met hier en daar een afwijking naar het expressionistische." Een klein werkje, "een krabbeltje van een ouderwetsch rijtuig" is een die een indruk zal maken in het geheugen en beklijft. Het maken van schilderijen blijkt nog een zoektocht te zijn "waar voor hem de picturale mogelijkheden liggen om een geschouwd beeld in verf te realiseren" ligt. De zoektocht naar een eigen "typisch persoonlijke zeggingskracht". Werken als de (impressionistische) schilderijen "het grote sneeuwlandschap" of "het gezicht op een binnenplaats met bomen" zouden richtinggevend kunnen zijn. Bij zijn expressionistische werken valt alleen "overhellende fabriekscomplex" op.
Eerder had hij ook al voor een tweesprong gestaan, de keuze tussen architectuur en schilderkunst. Wiskundecijfers blokkeerden echter de weg naar de techniek en daarmee de architectuur. De liefde is gebleven en zal in de loop van zijn groei zichtbaarder worden.
Rond zijn 28e – eind jaren 30 – was hij volledig vastgelopen. Met een drie gelijkgestemden, Jan Hoowij, Joop van Deutekom en Dik van Es, zeilden ze op een omgebouwde Ostender sloep van groot formaat – die Mascotte werd gedoopt – Rotterdam uit. Doel? Naar Curaçao varen. Wegens de start van WOII, behoefte aan medische hulp, werd het Tanger. Hier blijkt hij goed te zijn in het marmeren, zodat er in ieder geval goed geld verdiend kon worden. Maar om in leven te blijven moest er flink gesmokkeld worden, want de aanvoer van goederen was stil komen te liggen.
Hij kwam vervolgens met het schip Tegelberg in Djakarta, Indonesië terecht en zag de Jappenkamp, een eilandje bij Singapore: Poeloedamar vanbinnen.

Na de bevrijding bleef het onrustig. Hij werkte samen met Corrie Vonk en Wim Kan in een cabaret, waarvoor hij de décors en costumes ontwierp.
In Australië wordt hij nog reclame-schilder bij Mac Robertson chocolats en Tooth ale.
In 1948 maakte hij deel uit van de "Vereniging van Vrije Jonge Indonesische Kunstenaars Gelanggang. In de expositiezaal van "Opbouw-Pembangoenan" (Goenoeng Sahari 84) exposeert hij, samen met Wim Schippers, olieverfschilderijen. Hij laat hier onderwerpen als Middellandse Zeegebied zien.
Hij was vanaf nummer 1 in 1947 nauw betrokken bij het tijdschrift Oriëntatie.
Om te demobiliseren, werkte hij voor de Legervoorlichtingsdienst (L.V.D.) als oorlogsverslaggever-tekenaar en kwam vervolgens te werken voor de Culturele Afdeling van O.K.W. In deze periode reist hij langs scholen, geeft hij lezingen, organiseert hij tentoonstellingen en geeft hij leiding aan een tekenschool in Batavia (nu Jakarta).

Hij arriveerde in 1949 weer in het verwoeste Rotterdam, waar lange tijd zich niemand voor kunst interesseerde.
Wel exposeert hij in april 1949 al bij Santee Landweer in de bovenzaal op de Keizersgracht 463 te Amsterdam, met portretten, stillevens en Zuid-Franse landschappen. Een stilleven "met fruit, een schemerlamp en een doorzichtige vaas, in witte contouren, met bloemen erin" is een van de getoonde werken. Ook "Vrouwenfiguur achter tafel met visschotel en fruitschaal" "Kind met paard", "de Veranda" en "een havengezicht" zijn er te zien. Een van best geslaagde schilderijen, een hoogtepunt – dat daarna ook in Rotterdam in "Het Venster" aan de Gouvernestraat 129 is te zien – wordt "Meisjesportret met zeer blank gezicht, gevat in sluiers zwart haar" gevonden, waar ook zijn persoonlijke zeggingskracht als kenmerk valt te ontdekken. In zijn stillevens past hij de gewilde primitiviteit toe, uit de eerste wilde tijden van de Franse modernisten, in de zonderlingste combinaties, die ineens niet meer gek lijken.
Grote muurschilderingen maken kwamen vervolgens op zijn pad, zoals in 1950 op de Ahoy, dat toen geopend zou worden, met het werk de cargadoor verbindt Rotterdam met de wereldscheepvaart. Het werd – in een slechte recensie – een voorstelling, dat niets met het begrip schip te maken heeft, door oppervlakkige papiertjes-plakken, een would-be modernisme. Een ander bewondert juist zijn talent die te zien op onder meer een van de grote cargadoors-wanden langs het centrale redersbassin.

In 1951 liet hij tijdens de Delftse Contour-tentoonstelling een drietal werken zien.
Ook zag begin dat jaar een nieuw blad Marsyas, een bescheiden experiment van het Atelier het levenslicht, waaraan hij meewerkte.
Hij doet dat jaar mee aan de eerste Biennale in Sao Paulo.
In 1952 werkt hij op zijn zolderatelier aan de Schiedamsesingel 191b.
Dat jaar toont de gemeentelijk Kunstcommissie de van kunstenaars aangekochte werken. Van Henk de Vos wordt het schilderij Vrouw met vissen in het Schielandshuis getoond. Ook zijn er enkele foto's te zien van de wandschildering, een plattegrond van Rotterdam, dat hij op dat moment aan het maken is in de directiekamer van de Vervoer- en Motordienst.
De Stichting voor de Culturele Samenwerking koopt onder meer van Henk de Vos werk, die ze vervolgens ter expositie van Djakarta sturen, waarna het ook elders in Indonesië te zien zal zijn. De aangeschafte en gezonden lithografeerkunstwerken als Slapende man, Straat Madura en Vluchtende vrouw – hoewel in kleur – vallen niet goed in delen van het land en worden gezien als minachting voor de vorm.
In de kunstzaal Plaats toont hij in 1953 onder meer Vrouw voor 't raam en Kind in interieur (olieverf).

Ook elders volgen tentoonstellingen. Zo toont hij in het Princessehof te Leeuwarden tekeningen, aquarelen met titels als Seine vanaf Pont Alexandre III, Seine vanaf Pont d'Austerlitz, Petit Palais, Viaduct Quai Javel, Viaduct van de Pont d'Outeuil, Quai de la Charante, Place de la Nation, Pleintje bij Parc Montsouris, Place de la Nation bij avond, Quai de la Charente II, Oude haven Vlaardingen Leuvehaven, Rotterdam, Binnenschepen, Rotterdam, Bassin de la Villette en een gouache Parijs. Het jaar erop zal dezelfde expositie ook te zien zijn bij R.K.S. aan de Korte Lijnbaan te Rotterdam, waarbij de aquarel Bassin de Carénage expliciet in de smaak valt.

Een bijzonder optochtspectakel organiseert Rotterdam voor de tiende Bevrijdingsdag. Tijdens deze historische optocht loopt iedere deelnemer mee in de historische rol die ze aanneemt. De ontwerpers, waaronder Henk de Vos, kleden letterlijk de mensen, stoet en route aan.
Tegelijkertijd droeg hij – samen met drie anderen – bij aan de totstandkoming van vier beschilderde kegels van elk acht meter hoog voorstellende de Alpen, die het Rijnvaart-verhaal op de E 55, een grootse nationale manifestatie, moeten gaan vertellen en uitbeelden. Daarnaast bedacht hij voor een originele oplossing voor een reusachtige tank, waarin hij binnenin een wandschildering maakte voor een verrassend dynamisch effect.
Aan het einde van het jaar creëert in de tentoonstellingszaal van de Rotterdamse Kunststichting een grote muurschildering, waar het ros Pegasus neerdaalt in Rotterdam. Voor de Nieuwjaarspremière, Goldoni's comedie "De Ware Vriend", heeft hij voor de wens een speciaal achterdoek ontworpen.

Henk de Vos heeft zijn naam gevestigd en men weet wat men aan hem heeft en weet hem te vinden, kunnen we na 1955 stellen. Ook zijn veelzijdigheid wordt inmiddels bevestigd. Hij zal begin 1956 45 jaar worden. De exposities, tentoonstellingen en opdrachten blijven komen, zullen we zien: decorbouw, kostuums, affiches, wandschilderingen. Zélfs kleine toneelrollen (Karel Appel, De Vleugel) lagen in verschiet. En bijzondere ontwerpen: als die van een 2½ bij 8 meter groot tapijt, een gobelin, in opdracht van KLM met daarop een atmosferische ruimte waarin hemellichamen en twee vliegende figuren uitbeelden dat de een grote snelheid heeft en de ander juist loskomt van de aarde. Het zal te boek staan als Nederlands grootste wandtapijt. Om het op de juiste plek aan de wand te kunnen hangen, werd Henk de Vos verzocht naar New York te komen om dit te overleggen met de architect. Zijn twintigdaags verblijf leverde hem weer de nodige inzichten op en tekende hij onder meer vanuit zijn hotelraam 42nd Street.
Hij blijft als intiem lyricus ook met nieuw poëtisch en gevoelig geschilderd werk komen, dat steeds pregnanter wordt van gevoelsinhoud: Vrouw aan het venster, Marina, Joan & Dorine (1955), Sisteron, Zittend meisje, Lieb Vaterland kan ruhig sein (1972), Isabel (1972), Place de la Nation, Parijs (1975), Coby aan het venster, Gezicht op Florence.
Eind 1958 krijgt hij – samen met Gust Romijn en Joh. van Reede – een lokaal toegewezen op de eerste verdieping van een voormalige huishoudschool voor meisjes aan de Dillenburgstraat op het oude Feyenoord. Dit zou voor hun het einde betekenen van de "ateliernood".

Eind 1964 sturen 16 Rotterdamse kunstenaars – waaronder Henk de Vos – als sinterkunstklazen een protestbrief naar de gemeente, met onder meer het verwijt, dat de gemeente kunst verafgod als statussymbool - met als resultaat dat de lokale kunst het onderspit delft in de concurrentiestrijd met de groten uit het buitenland. Ditzelfde verwijt treft ook het museum Boymans-Van Beuningen, die ook praktisch niets van hun stadsgenoten opneemt in hun collectie.

Hij treedt per 1 januari 1966 toe als lid bij de rijksadviescommissie.

Een interessant inkijkje in zijn beweegredenen ontdekken we wanneer aankomende kleuteronderwijzeressen hem mogen bevragen over zijn werk, dat op dat moment in het klaslokaal hangt: vrouwenportretten, figuur- en landschaptekeningen. Op de vraag "Waarom schildert u hoofdzakelijk vrouwen?", antwoordt Henk de Vos met een "omdat ik misschien niet graag mannen schilder." Ook willen de onderwijzeressen weten of hij wacht op inspiratie om aan het werk te gaan? "Welnee", luidt het antwoord, "Schilderen is ook een vak. Je moet verder, ook al heb je weleens geen zin. Je moet gewoon keihard werken om iets te maken wat je tevredenstelt. Het gaat heus niet vanzelf." De vraag "Waarom schildert u niet abstract?" wordt beantwoord met een "Omdat ik daar niet in geloof."
Een ander citaat dat we van hem tegenkomen, biedt – zo wordt het geduid – een typische Henk de Vos-uitspraak: "Ik zie niet in, waarom de kunst, zoals zo vaak bepleit wordt, gelijke tred zou moeten houden met welke mechanisering dan ook. Waarom zou een zo zeer oppervlakkige levensvorm, die zich uit in de voortschrijdende techniek, zich moeten reflecteren in de beeldende kunst?"

Zijn connectie met de architectuur zien we onder meer verschijnen in muurvlakken waarbij de functionaliteit is ingebed in het werk, zoals te zien aan de buitenkant van de aula van het Instituut voor visueel gehandicapten "Sint Henricus" in Nijmegen of in het Beursstation van de Rotterdamse metro. Het maken van een fijn kunstwerk vindt hij echter net zo belangrijk. "Iets moois zal een gebouw altijd mooier maken. Wel moet het werk goed zijn, met een zinvol gebruik van materiaal gemaakt zijn en liefst van een onderwerp uitgaan."

In de inrichtingenstrijd – die eind jaren 60 plaatsvindt – begeeft hij zich in kamp die van mening is dat het toevoegen van theoretische vakken als sociologie niet bijdragen aan het opleiden en de ontwikkeling van jonge kunstenaars. De grondslag blijft het bestuderen van de verschijningsvormen in de natuur om kunst te scheppen.

Wanneer hij op zijn 65ste als afscheid van de academie en ter gelegenheid van zijn verjaardag een tentoonstelling van zijn werk heeft, tracht iemand zijn (manier van) werken te doorgronden met enkele citaten. "Henk de Vos had – om met Paul Citroen te spreken – het 'ongeluk' als een tamelijk evenwichtig iemand geboren te worden, wat in een tijd, waar de beeldende kunst vooral met een gekke en extravagante aan bod komt, voor de kunstenaar geen aanbeveling is. Wat overigens niet inhoudt dat Henk de Vos zich als een reactionair gedraagt, die zich hardnekkig vastklampt aan het oude, aan wat eens groot was." Maar hij durfde zich wel zichzelf te blijven.
Een ander citaat uit nota bene 1802 van John Constable zou ook op hem van toepassing kunnen zijn: "Er is ruimte genoeg voor een natuurlijke schilder. De vloek van de huidige dag (lees in 1802) is de bravoure, het pogen meer te geven dan de waarheid. De mode heeft altijd haar tijd gehad, maar waarheid is in alle dingen het enige blijvende."
Diverse tentoonstellingen door het hele land volgden daarna.

Met zijn vroegere leerling Ingrid Kruit (van de Kunstacademie) maakte hij in 1977 'De Naald'.

Tijdens een expositie in Galerie Margreet Huisman aan de Matthijs Balenstraat 17 in Dordrecht, toont hij een merkwaardig stuk: een aquarel van een Hollands landschap, getiteld Vlaardingse Vaart, dat op de expositie in de Doelen door een bezoeker was bewerkt met een peuk, waardoor een brandgat ontstond.
Hij liet werk zoals het was en voegde het van Frans Vogel gekregen gedicht Zie, zij komen toe:
"Een nieuw cohort van fielten rukt aan
Met brandende peuken bewerken zij uw hand
U verstijft van pijn, schreeuwt zonder geluid
Gelijk het deze aquarel is vergaan."

Tijdens een expositie, tijdens het Amsterdamse Sail '80, waar Henk de Vos ook op de expositie Scheepvaart-impressies met werk aanwezig is, wordt vermeld dat hij afkomstig is uit een 'echte' Rotterdamse zeemansfamilie. Hij heeft ook enkele houten bootjes – die hij verzamelt – meegenomen.

Tijdens een met vier kunstenaars georganiseerde expositie – wat een van zijn laatste zou worden – liet hij zich nogmaals uit over het gemaakte werk: "We hadden alle vier het gevoel dat het mogelijk moet zijn werk bij elkaar te brengen waarop veel te kijken viel, van plekjes die herkenning oproepen, een sfeer, een herinnering, het gevoel dat daar iets beleefd werd. Vooral geen zwaarmoedig of ingewikkeld gedoe, geen loodzware ernst, geen vaderlands gepieker. Wij zijn in dat werk onszelf, we doen niet mee aan het gewilde of modieuze, het bekakte of het geforceerde. Daarin vonden we elkaar. En we zouden graag meer van zulke dingen willen doen. Zo klaart de lucht op."

"Het boeiende en aantrekkelijke in kunst is, dat ik me er altijd zo geweldig mee heb geamuseerd. Ik doe het graag," laat hij in een interview op zijn bijna 70e verjaardag als kern van de zaak noteren.


Mogelijk is de zoektocht zelf datgene wat vermakelijk is, ga je – zijn levenslange zoektocht overziend – als buitenstaander denken.

Eind 1981 krijgt hij een kleine attaque, maar zoals hij het zelf zegt: "Debiel ben ik er niet van geworden, maar zo nu en dan kan ik een bepaald woord niet vinden." Zijn liefde voor zijn veel geschilderde Provence, waar hij een klein zomerhuisje heeft wint het nog steeds niet van zijn heimwee naar Rotterdam, waarmee hij toch een liefde-haat verhouding heeft. Zijn negatieve toon is iets minder opstandig geworden, hooguit wat teleurgesteld en verontwaardigd. Het ontbrak toen de kunstenaars van hier aan zelfvertrouwen en wat kapsones. "Historisch gezien is dit een stad van boeren en buitenlui, die zich weinig met kunst verwant voelden. Dat is nog steeds zo. Het is hier een architectonisch soepzooitje en een barre rots voor beeldende kunstenaars waar de ambtenarij het voor het zeggen heeft. Maar wat doe ik eraan, in de Provence voel ik me ook een ark van Noach."
Wat het Van Boymans-museum de eigen Rotterdamse kunstenaars niet gunde, doet in 1982 het Dordrechts Museum wel. Ze gunnen Henk de Vos een overzichtstentoonstelling van een selectie van zijn aquarellen, een veertigtal, en enkele olieverven van voornamelijk werk van de laatste jaren, waaronder een zeer recent werk Gezicht op de nieuwe Willemsburg. Of hij een antwoord op zijn nauwelijks verborgen gramschap "waarom kan de ene kunstenaar zijn faam als het ware niet bijhouden, terwijl de andere met een oeuvre van heb-ik-jou-daar op zijn heeft staan, eigenlijk nauwelijks een sprankje van diens bekendheid geniet", heeft gekregen, is niet duidelijk. Duidelijk was het voor hem, dat zijn werk geen weerstand of onbegrip opriep. Het shockeerde en schuurde niet. Het werd als vanzelfsprekend aanwezig aanvaard.

In de zomer van 1982 overleed hij in het ziekenhuis van Sisteron, hij is begraven op het kleine kerkhof van Ribiers.

Na zijn overlijden wordt zijn werk nog diverse keren tentoongesteld. Tijdens één, in maart 1984, werd in Nieuw Rotterdams Peil (Metrostation Oostplein) een werk – een aquarel dat in hij 1946 in Sydney maakt – gestolen.
Nog veel meer werk van hem gaan verloren, wanneer het echtpaar Marina de Vos en Chiem van Houweninge uit Los Angeles terugkomen en hun atelier en werkkamer tot de grond toe afgebrand aantreffen.

In zijn Delfshaven, waar hij op het laatst zijn atelier had, zijn honderden werken van hem eind 1987 in vier galeries te zien. Schilderijen, aquarellen, litho's en tekeningen die hij sinds de jaren 30 maakte kom je tegen, eveneens een diavoorstelling van zijn wandschilderijen, betonreliëfs en perspexobjecten. Op een videofilm is hij zelf te zien, aan het werk in zijn atelier. Hij toont zijn specialiteit, een soort 'lineair pointillisme', het aanbrengen van haarlijnen in verschillende kleuren met een uiterst dun penseeltje.

Hans Sonneberg van Garlerie Delta aan de Oude Binnenweg 113, geeft een invulling aan de vragen van onder meer Henk de Vos. Deze generatie Rotterdamse kunstenaars zijn eigenlijk een soort lost generation. Ze zijn nooit aan bod kunnen komen. Zij schilderen en schilderen, maar de mensen in de jaren 50 hadden geen behoefte aan kunst, die wilden elektrische huishoudelijke apparaten en auto's. Ook en mede om diezelfde reden, waren er ook nauwelijks galerieën, die hun producten konden verkopen. En de enkele galerie die er wel was, verkocht werk van buitenlandse kunstenaars.
Ze hadden gebrek aan expositieruimte en hadden geen mogelijk om in contact te komen met potentiële kopers.

Maar ook op de tentoonstelling Rotterdam Retrospectief met werk van 30 Rotterdamse beeldende kunstenaars over de periode 1945-1985 – mede in combinatie van de brochure Beeldende Kunst en kunstbeleid in Rotterdam 1945-1985 van Jan van Adrichem – is weer óf nog steeds geen Henk de Vos te vinden.
En dat terwijl Boymans' hoofdconservator Geert van Beijeren toch het inzicht toont. Vijf kilometer buiten de stad heeft niemand ooit gehoord van Matheu Ficheroux, Kees Franse of Hans Verwey. Dat is gek, want van hun kaliber zijn er in Nederland niet zoveel. "Ik kan heel boos worden over die onderwaardering. Zij is niet terecht."

Betrokken bij het maken van de volgende content:
De Naald (samen met Ingrid Kruit)
BT:
NT:
RT:
Ingrid Kruit
SYN:
Hendrikus de Vos
gebruik vanaf:
Use:
gebruik tot:
UF:
Hendrikus de Vos
TT:
persoon beeldhouwer
termidentifier: #T010.000.287
conceptidentifier: #C00.000.097
Lokale taalaanduiding:
URI: https://www.weikopiebes.nl/thesaurus/010_000_287.html
bronvermelding:
internetbronvermelding: RKD Research openarchieven: Geboorte op 31 januari 1911 te Rotterdam Burgerlijke Stand Rotterdam, geboorteakten 1911B - 151 van 204 Groeptentoonstelling De Zuil : Volksuniversiteit alhier. / W. Jos. de Gruyter (in: Het vaderland : staat- en letterkundig nieuwsblad, 20-06-1930) Advertentie Studio '32 (in: Rotterdamsch nieuwsblad, 29-04-1937) Drie jonge Rotterdamsche schilders : In Studio '32 (in: Rotterdamsch nieuwsblad, 01-05-1937) Krampachtig Modernisme : Studio '32 te Rotterdam. / S. (in: Het volksdagblad : dagblad voor Nederland, 04-05-1937) Familiebericht - getrouwd (in: Bataviaasch nieuwsblad, 05-02-1942) Oriëntatie, nummer 1 "Gelanggang" (in: Het dagblad : uitgave van de Nederlandsche Dagbladpers te Batavia, 14-02-1948) Schilderijen-expositie / H. (in: Het dagblad : uitgave van de Nederlandsche Dagbladpers te Batavia, 16-02-1948) Tekenacademie te Soerabaja? (in: Nieuwe courant, 14-10-1948) Familiebericht geboren (in: De nieuwsgier, 15-10-1948) Franse invloed op onze schilders is groot / J.M. Prange (in: Het Parool, 27-04-1949) Jeanne Bieruma Oosting en Henk de Vos / H. v. C. (in: De Gooi- en Eemlander : nieuws- en advertentieblad, 30-04-1949) Tentoonstellingen in de hoofdstad / H. v. G. (in: Algemeen Handelsblad, 05-05-1949) Henk de Vos : zoeker naar de sfeer van het paradijs / Pierre Janssen (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 21-05-1949) Henk de Vos exposeert te Rotterdam / W. E. (in: Algemeen Handelsblad, 03-06-1949) Tentoonstelligen in Rotterdam (in: De Volkskrant, 09-06-1949) Dagboek van een Rotterdammer : Nu de slag (in: Het Rotterdamsch parool, 16-06-1950) Artistieke Anarchie op Ahoy : Waarom een hol schijnmodernisme de kans gegeven? / Fr. B. (in: De Maasbode, 04-07-1950) Pakhuismeesteren Ahoy' (in: Het Rotterdamsch parool, 22-07-1950) Artistieke experimente op Ahoy' : Voor wie niet alles even ernstig neemt, is er veel te bewonderen (in: Het Rotterdamsch parool, 29-07-1950) Familiebericht geboren (in: Het Rotterdamsch parool, 23-10-1950) „Marsyas" gedoopt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 30-01-1951) Rotterdamse kunst naar Brazilië (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 10-07-1951) Het avontuur van Henk de Vos, dat tien jaar duurde (in: Het Rotterdamsch parool, 24-03-1952, Langs de Rotterdamse Ateliers) Henk de Vos (in: De nieuwsgier, 10-04-1952) Ned. schilderijen naar Indonesië (in: Het nieuwsblad voor Sumatra, 31-12-1952) Critische opmerkingen bij lithografische expositie : Gelukkig zijn er nog andere kunstenaar... / Z (in: De vrije pers : ochtendbulletin, 21-03-1953) Henk de Vos (in: Het vaderland, 29-10-1953) Henk de Vos in het Princessehof / G. Struiksma (in: Friese koerier : onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden, 19-11-1954) Henk de Vos exposeert Parijse aquarellen (in: Het Rotterdamsch parool, 01-04-1955) Echte monniken nemen deel aan historische optocht op 5 Mei : Vierduizend personen in stoet van anderhalve kilometer (in: Het Rotterdamsch parool, 26-03-1955) E 55 (in: De Gooi- en Eemlander, 12-05-1955) Kunst dient Engergie : Experimentelen laten stunt hoogtij vieren / Anthony Bosman (in: Algemeen Dagblad, 28-05-1955) Familiebericht Simon Kikkert (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 06-07-1955) Rotterdams Toneel : Nieuwjaarspremière met pantomime en Kaat Mosselwens (in: Het Rotterdamsch parool, 22-12-1955) Ritman met nieuw cabaret (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 30-03-1956) Artistieke Actualiteiten : Visie (in: De Maasbode, 31-03-1956) Toby Ritman met eigen gezelschap (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 04-04-1956) Na een week van werken in 't weekend vermaak : ZTE speelde A.M. de Jong (in: Het Rotterdamsch parool, 23-04-1956) Vijfde Contour onzer beelden kunst in Delft : Rijke oogst aan aquarellen en tekeningen : Gevoelige schilderkunst / Hs. R. (in: Algemeen Handelsblad, 12-05-1956) Werk van hoge kwaliteit op Ro Mogendorff een hoogtepunt (in: Algemeen Dagblad, 02-06-1956) Holland Festival : Serge Lifar bij het Opera-ballet / N.B. (in: De waarheid, 19-06-1956) Schilderijen in de Lijnbaan : Bij Henk de Vos leeft de mens in de ruimte / Piet Begeer (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 23-01-1957) Nederlands grootste wandtapijt (in: Provinciale Noord-Brabantsche courant Het huisgezin, 24-07-1957) Henk de Vos verbleef 20 dagen in New York : In VS voor kunstenaar géén steun, wèl respect (in: Het Rotterdamsch parool, 23-11-1957) Kunstenaars in school (in: Het Rotterdamsch parool, 11-10-1958) wandpaneel kinderzaal Gemeente Ziekenhuis Bergweg (in: Het Rotterdamsch parool, 13-12-1958) 'Verantwoording' : keus uit kunstaankopen / Piet Begeer (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 07-04-1959) Monumentale kunst is geen decoratie / G.K. (in: Trouw, 11-07-1959) Henk de Vos, ras-tekenaar / G.K. (in: Trouw, 29-09-1962) 16 sinterkunstklazen (in: Algemeen Dagblad, 11-12-1964) Beeldende kunst in Rijnmond : Reizen met verf (in: Het Rotterdamsch parool, 10-12-1965) Schilder Henk de Vos is lid rijksadviescommissie (in: Het Rotterdamsch parool, 01-02-1966) Beeldende kunst in Rijnmond : Figuratie leeft / L.W. Schmidt (in: Het Rotterdamsch parool, 04-03-1966) Realisme en vakmanschap : Rotterdamse en Haagse schilders exposeren / F. Duister (in: De tijd : dagblad voor Nederland, 26-10-1966) Dubbele expositie in het Princessehof : Schilderijen die rust brengen en foto's van monumentaal werk / E. Kools (in: Leeuwarder courant : hoofdblad van Friesland, 15-02-1968) Beeldende kunst in Rijnmond : Boeiende expositie van Henk de Vos / L.W. Schmidt (in: Het Rotterdamsch parool, 05-06-1968) Brief aan minister : Protesten tegen Rijksacademie zijn niet geheel juist volgens 25 kunstenaars / Van onze kunstredactie (in: Het Rotterdamsch parool, 26-11-1968) De ouderen doen het nog best / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 15-04-1972) Realisme hoog genoteerd : Salon zonder veel uitschieters / G. Kruis (in: Trouw, 30-03-1973) Rotterdams aquarellisten: boeiende alledaagsheid / G. Kruis (in: Trouw, 24-12-1975) Henk de Vos: "Als je iets wilt maken, moet je weg uit Rotterdam" / Van onze verslaggever Jan Hein de Groot (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 02-07-1976) Kennen wij onze eigen kunstenaars eigenlijk wel? / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 02-07-1976) Henk de Vos bleef zichzelf: een kunst apart / G. Kruis (in: Trouw, 03-07-1976) Ere-expositie in De Doelen gewijd aan Henk de Vos / Hans Redeker (in: NRC Handelsblad, 15-07-1976) Ingrid en Henk spelen met 'Kil' zonlicht (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 31-10-1977) Aquarellen en tekeningen van Henk de Vos: rustpunt / G. Kruis (in: Trouw, 16-12-1977) Nostalgische aquarellen van Henk de Vos geëxposeerd / Bas Roodnat (in: NRC Handelsblad, 01-03-1979) De Vos laat zich niet wegbranden / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 02-03-1979) Henk de ... Wie? / Jim Postma (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 12-03-1979) Kunst in het schip (in: Algemeen Dagblad, 24-07-1980) Zeewaardig kunst bij Sail '80 (in: De Volkskrant, 05-08-1980) 'Niet van dat bekakte' / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 05-12-1980) Kunstschilder Henk de Vos zeventig jaar : 'Burgermannetjes klauteren over onze rug omhoog' / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 30-01-1981) [met foto houtskooltekening "De Vos door De Vos" en foto Henk in atelier Voorstraat, Rotterdam] Schilder en ontwerper Henk de Vos koestert een haat-liefde verhouding tot Rotterdam : 'Het is hier een barre rots voor kunstenaars' / Marianne Vermeijden (in: NRC Handelsblad, 26-02-1982) De Vos in Dordt (in: Algemeen Dagblad, 11-03-1982) Dordrecht geeft verdiende overzichtstentoonstelling : Wat Henk de Vos maakt is af! / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 17-03-1982) Familiebericht Henk de Vos (in: NRC Handelsblad, 26-07-1982) Schilder Henk de Vos in Frankrijk overleden (in: NRC Handelsblad, 26-07-1982) Henk de Vos overleden (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 26-07-1982) Henk de Vos bleef zichzelf / Ger Kruis (in: Trouw, 28-07-1982) Herinneringen aan drie grote Rotterdamse kunstenaars / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 04-08-1982) BKOR: Henk de Vos : Talenten (1962) Platform Wederopbouw Rotterdam: Wederopbouwkunst in Verhalenhuis Belvédère Sydney had two Dutch hospitals in the 1940s / Pierre van der Eng. - December 12, 2024 Stamboom Helmich » Cornelia Eugenie Moed Helmig (1914-) / Kees Helmich (in: Genealogie Online) C.E. de Vos-Moed Helmig (in: Ons land) Henk de Vos / Bertus Schmidt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 10-03-1984) 'Zeg 'ns AAA naar Amerika?' / Dick van der Lugt (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 21-01-1987) Schilderijen, aquarellen, litho's, tekeningen en monumentaal werk in vier Rotterdamse galeries : Terloopse, milde waarnemingen van Henk de Vos / Bas Roodnat (in: NRC Handelsblad, 16-11-1987) 'Een goed schilderij blijft een goed schilderij' : De verdiensten van de 'kleine meesters' / Joost van den Hooff (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 12-12-1987) Veertig Jaar Rotterdamse kunst in Boymans : Een proeve van lokale kunstgeschiedenis / Jan Donia (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 19-12-1987) 'Filmster' Frans Vogel breidt scenario over Rotterdam uit : Is de branie van de Rotterdamse straatvechter te authentiek en te divers? Gooi een jachthond in de lucht! / Hennie Maliangkay (in: Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 06-05-1988)