Dag 6:
Weede,
's–Gravendeel,
Puttershoek,
Maasdam,
Zwanegat,
Westmaas,
Maasdijk,
Mijnsheerenland
Moesten we om in onze vorige eilandontdekkingstocht van Goeree-Overflakkee te bereiken nog een half uur rijden, nu staan we al na tien minuten rijden voor de tunnel die ons naar de andere kant van het water zal brengen.
Kiltunnel richting Hoeksche Waard, met Doorsnijding | 1981 | Marry Teeuwen-de Jong
|
En ook de aanleg van deze tunnel, had een soortgelijke historie, als die van de bouw van de Haringvlietbrug.
De Kiltunnel, een vernoeming naar de Dordtsche Kil dat bij laag water van de Oude Maas in het noorden naar het Hollands Diep in het zuiden stroomt, is weliswaar 412 meter lang maar de Dordtsche Kil is op deze plek slechts ongeveer 260 meter breed.
De wegen zelf hebben een lengte van 901 meter.
De initiatiefnemers voor de tunnel, de provincie Zuid–Holland en de gemeenten Dordrecht en Hoeksche Waard, beheren samen in het Wegschap Tunnel Dordtse Kil deze toltunnel. Het is een van de weinige toltunnels in Nederland, maar dit werd door de deelnemers noodzakelijk geacht, omdat het Rijk part noch deel heeft. Om de aanleg en beheer blijvend te kunnen financiëren, wordt er sinds de opening in 1977 tol betaald door alle verkeersdeelnemers (uitgezonderd voetgangers en fietsers)
1861.
De behoefte aan een vaste verbinding tussen de Hoeksche Waard en Dordrecht werd al in 1871 bepleit. Veerboten maakten de overtocht van de eilandbewoners tot dan mogelijk. Er voeren drie pontjes op de Dordtsche Kil, waarvan twee voor voetgangers. De stoompontveer voer tussen 's–Gravendeel en Wieldrecht. De voetveren tussen De Wacht en de monding van de Sluisvliet én tussen de Mariapolder en Willemsdorp.
Aangezien de Dordtsche Kil een van de drukste vaarwegen is, met soms hoge stroomsnelheden, stonden de schippers van de veren regelmatig met zweet in de handen aan het stuurwiel om de andere schepen te ontwijken. Echt veilig was de pont nemen dan ook niet.
Na WOII kwam de vaste verbinding weer op de agenda te staan, ook in Den Haag. Echter er gebeurde niets. Ook 's–Gravendeel had in 1955 nog geen behoefte aan een tunnel, een eenvoudige brugverbinding met Dordrecht is voldoende
1862.
Bestuurders met visie namen de toekomst in eigen handen en richten in 1972 de Stichting Tunnel Dordtse Kil op. Het Rijk haakte niet aan en dus stelden de provincie Zuid–Holland (50%), Dordrecht (42%), 's–Gravendeel (4%), Strijen (2%), Maasdam (1%) en Puttershoek (1%) zich garant voor de aanleg van de tunnel en het onderhoud. De bouw — door de Kombinatie Tunnelbouw — startte in maart 1974. Officieel startte de bouw op dinsdag 20 mei 1975, toen de commissaris van de Koningin in Zuid–Holland, mr. M. Vrolijk de eerst paal heide. De bouw van deze tunnel kon mee meeliften met de bouw van de Drechttunnel dat toen ook plaatsvond. De Drechttunnel verbindt Dordrecht met Zwijndrecht en maakt deel uit van de Rijksweg 16, de huidige A16.
De raming van de bouwkosten van de Kiltunnel bedroeg ruim 70 miljoen gulden
1863.
De garantstelling zou de gemeente Dordrecht in 1982 langs de rand van het bankroet doen gaan. De aangenomen opbrengsten van de tolheffingen vielen door tegenvallend gebruik erg tegen. De verwachte 10.000 auto's bleven uit en werden er 3.000. Medeveroorzaker was het in de koelkast verdwijnen van de Rijksplannen om van 's–Gravendeel een groeigemeente te maken en om een snelweg vanaf Dordrecht over de Hoeksche Waard naar het Europoortgebied te laten lopen. Daarnaast werden er diverse te bouwen onderdelen toegevoegd, die de bouwkosten verhoogden tot 150 miljoen gulden. Daarbij moeten we denken aan de wegaansluiting van de tunnel op de Rijksweg. Het Rijk en Dordrecht hebben hiervoor 2,5 miljoen gulden toegezegd. Het Rijk moest alsnog te hulp schieten, door de 40% van de tekorten 10 jaar lang aan te vullen. Het Rijk reserveerde hiervoor jaarlijks bedragen van ruim ƒ 5.000.000,00. Tot zeker in 2023 moest er nog steeds door de deelnemers bijgedragen worden aan de exploitatie, al was het bedrag inmiddels gedaald tot een fractie, namelijk € 25.000,-
1864.
Maandag 3 oktober 1977 was het zover, de eerste tunnelrijders mochten bij een van de vier tijdelijk geplaatste caravannetjes met een tolgaarder hun kaartje kopen
1865.
We mogen concluderen dat de bouw van de Haringvlietbrug en het verdere verloop een stuk succesvoller en winstgevender is verlopen, waarbij het na 10 jaar tolbetaling, ook nog eens tolvrij werd.
Net — ruim 130 meter — voordat we tunnel inrijden, komen we het eerste beeld in de openbare ruimte tegen van de binnenhuisarchitecte en beeldend kunstenaar Marry Teeuwen-de Jong: Doorbroken water — door een enkeling ook wel Doorsnijding genoemd. Het beeld bestaat uit vier buizen, twee op twee gestapeld, maar door lucht gescheiden, die aan beide zijden van de weg staan. Daarmee doorsnijdt de weg het beeld, zoals de tunnel de Kil doorbreekt
1866.
Marry de Jong is geboren in Alblasserdam op 1 mei 1945
1867.
Wanneer we even later de tunnel weer verlaten en ons op de Hoeksche Waard begeven, hadden we tot donderdag 20 december 2012 het kunstwerk De Naald van Ingrid Kruit uit Oud-Beijerland en haar leraar Henk de Vos (1911-1982) kunnen zien. Het beeld was aan de Naaldweg naast de Kiltunnel geplaatst, vanwege het gereedkomen van de tunnel in 1977. Het werd op 15 november 1977 — tijdens het bezoek van Koningin Juliana aan de Kiltunnel — onthuld
1868.
De Naald was een witglanzende paal van vierenhalve meter, met in de lengte een spleet. Het was opgebouwd uit 26 stukken keramiek van 40 x 40 cm. De paal stond gepositioneerd op een wit vlak van acht bij acht meter, dat in een cirkel geplaatst was van zwart asfalt. De spleet is staat exact — zo is berekend door het KNMI — op de lijn noord–zuid. Daardoor ontstaat het effect, dat op het moment dat de zon op het hoogst staat er een lichtstreep in de schaduw komt te staan. De lengte van deze lichtstreep zal — net als de paalschaduw — wisselen met het jaargetijde.
Bovenop de paal staat tevens een lantaarn, dat gelijktijdig met de straatverlichting gaat branden
1869.
Ingrid Kruit is in Rotterdam geboren op 24 december 1943. Ze heeft in de jaren 60 aan de Academie van Beeldende Kunsten te Rotterdam gestudeerd. Wanneer ze als 76-jarige in 2020 geïnterviewd wordt, vertelde ze over haar carrière tot dan toe, want volgens haar kent het kunstenaarschap geen grens van AOW: "Als ik aan mijn werk als kunstenaar denk en alles wat ik daarin heb meegemaakt, prijs ik mij gelukkig dat ik altijd voldoende werk heb gehad. De vrijheid in je werk, het niet gebonden zijn en geen baas hebben, trok mij altijd enorm aan." "Het aantal kunstwerken dat ik heb gemaakt is inmiddels al ruim de vijftig gepasseerd, maar of ze allemaal nog bestaan weet ik niet."
1870
Voordat we ons eerste dorp in kunnen rijden, 's–Gravendeel, blijken we nog langs iets te rijden dat verdwenen is: een woonplek dat (mogelijk) de naam Weede droeg.
notenoverzicht
|